Auteur: Marten de Vries
jaar: onbekend
Sfeertje

Sfeertje.
Het vreemde is dat de dingen die ik me het best kan herinneren zich altijd afspeelden op warme, zomerse dagen.
Het leek dan net alsof er een zinderend sfeertje heerste op straat.
Vooral de cafés op de Wallen werden druk bezocht en een enkel illegaal terras zat propvol mensen. Zelfs midden in de nacht heerste er een rumoer van lachende, pratende en lallende stemmen. De muziek uit de cafés schalde over de grachten.

Een enkeling zocht, onder invloed van de vele genuttigde glazen bier, ruzie en soms werd er stevig op los gemept.
Vervolgens kwam de politie ter plaatse. Meestal een voetpost, want de afstand vanaf het bureau was niet al te groot en het rijden met een voertuig door die drommen mensen schoot niet op. Zelfs voor een zwaailicht en een sirene wenste men geen plaats te maken en soms was het zo druk, dat de menigte geen kant op kon om een auto dienders met een spoedeisende opdracht door te laten, tenzij men in de gracht sprong.

De vechtenden werden uit elkaar gehaald en een enkeling eindigde op de arrestantenbank in het bureau Warmoesstraat.
Vooral als er een interland werd gespeeld en de hooligans naar Amsterdam waren getrokken om de wedstrijd bij te wonen, wilde men vooraf nog wel eens een avondje stappen op de Wallen. Hoe men die wedstrijd kon volgen nadat men enige liters bier in het keelgat had gegoten is me nooit duidelijk geworden. Laat staan, dat men de weg naar het stadion kon vinden. Misschien dat er onder hooligans ook personen als "Bob" werden aangewezen en die dan fungeerden als gids.
Maar sommigen nuttigden dusdanig veel pinten, dat na een fikse vechtpartij de avond en nacht in de cel doorbracht kon worden. Natuurlijk een hele ervaring op zich, maar de wedstrijd had men niet meer meegemaakt.

's Avonds liepen de toeristen in drommen over de wallen en vergaapten zich aan de hoertjes die schaars gekleed achter de ramen zaten, of stonden gniffelend te kijken naar wat groot uitgevallen hulpstukken, die uitgestald lagen in de vitrines van de seksshops.

Op de Zeedijk deden de dealers goede zaken en vooral Duitse toeristen kwamen vaak tot de ontdekking dat ze belazerd waren. De heroïne in Nederland was goedkoper en een ritje naar Amsterdam loonde dan ook de moeite. Totdat men tot de ontdekking kwam dat men het laatste geld had uitgegeven voor een zakje kalk.
Een oplettende wandelaar (houdt uw tas in de gaten en laat u niet vriendschappelijk op het schouder kloppen door een onbekende) zal her en der in de verschillende gevels een uitgeholde steen vinden waaruit een hoeveelheid nepheroïne met een zakmes is geschraapt.
Misschien had men geluk dat men 'shit' had gekocht, want een dode Duitse toerist werd in die tijd vaak in een hotel aangetroffen. Overleden aan een overdosis, omdat de kwaliteit van de heroïne in Nederland beter was dan in Duitsland.

De goedkope "T….."-hoer had het druk en de mannen stonden in een rij langs de gracht, schichtig om zich heen kijkend, op hun beurt te wachten. Om de tien minuten ging het gordijn weer open en verliet een man, die ongeveer een gulden per minuut had betaald, met gebogen hoofd en opgetrokken schouders het pand, waarop de volgende naar binnen ging.
Een enkeling vond dat hij voor die habbekrats toch niet aan zijn trekken was gekomen en trachtte de politie in te schakelen om zijn geld terug te krijgen.

Zo ook die zwoele zomernacht toen een breedgeschouderde man zijn bolide stond te wassen op de rijbaan van de Oudezijds Achterburgwal.
De politie werd gewaarschuwd, want het verkeer had er last van.
Toen we ter plaatse kwamen en hem verzochten zijn auto te verplaatsen, naar een wasstraat te brengen, of in ieder geval het dure merk Cabriolet ergens te reinigen waar niemand er last van had, ontstak de man in woede.

"Wat mot je nou. Geef me maar een bekeuring! Zie je die wijven hier achter de ramen zitten? Die zijn allemaal van mij!" "Al zou je me tien bekeuringen geven. Ik heb er geen centje pijn an. Als ik klaar ben zet ik hem weg".

De man had centen zat. De hoertjes werkten voor hem en verdienden goed. In ruil daarvoor 'beschermde' hij hen. Hij had een paar pandjes opgekocht en een hoeveelheid vrouwen achter zijn ramen gezet. Tegen een 'redelijke' vergoeding natuurlijk.

Vorderen had geen zin. Daar had hij maling aan.
Om hem dan vervolgens aan te houden wegens het niet voldoen aan een bevel of vordering zou een gigantische verstoring van de openbare orde hebben gegeven. Gezien zijn postuur zouden we zeker 'assistentie collega's' nodig hebben gehad, want het zou een wanordelijke matpartij zijn geworden.

Toen we dreigden een deuk in zijn luxe cabriolet te slaan heeft hij hem toch maar verplaatst.